Dit doet echt pijn 😓

 

Een Social Impact Bond wil door middel van publiek-private samenwerking effectiever maatschappelijke problemen oplossen

In dit blog leg ik je uit hoe een Social Impact Bond (SIB) werkt. Maar ik wil ook met je delen wat ik ervan vind. Want toen ik erover las en hoorde kwam, voordat ik het wist, het gevoel in alle hevigheid opzetten: verontwaardiging, boosheid en zelfs een gevoel van pijn. Deels ‘oud zeer’, deels ‘nieuw zeer’.

Het effectief oplossen van maatschappelijk problemen is het speelveld van gemeenten en uitvoerders. In een Social Impact Bond voegen zich daar 3 nieuwe partijen bij zodat er uiteindelijk 5 partijen meedoen in een SIB. Dit zijn ze:

De gemeente:

De gemeente is de ‘probleemeigenaar’. In de gemeente speelt een maatschappelijk probleem waar tot dan toe nog geen effectieve, bevredigende oplossing voor is gevonden.

De uitvoerder:

Sociaal Werk of andere maatschappelijke organisatie die het probleem oplost gericht op vooraf vastgestelde uitkomsten.

De investeerder:

Investeert het benodigde werkkapitaal van de uitvoerder. Investerende partijen zijn aan de ene kant de bekende sociale fondsen, die zich ontwikkelen tot meer zakelijke investeerders en aan de andere kant de harde zakelijke investeerders die hun kapitaal meer maatschappelijk betrokken willen investeren.

Procesbegeleiders/aanjagers/initiatiefnemers:

Commerciële partijen die de markt van het Sociaal Ondernemerschap ontdekken en met deze constructies de markt op gaan. Ze worden betaald door de probleemeigenaar/gemeente.

Onafhankelijke beoordelaars:

Die beoordelen of de vooraf gestelde uitkomsten door de uitvoerder zijn gehaald. Op basis hiervan keert de gemeente subsidie uit aan de uitvoerders waarmee de uitvoerders de investeerders terugbetalen. In sommige gevallen met rendement voor de investeerders.

In het kort gaat het als volgt

Aanjager (commerciële speler) vind probleemeigenaar/gemeente. Gemeente huurt de procesbegeleider in van de commerciële speler. Die haalt investeerders, uitvoerders en beoordelaars aan tafel. Het probleem wordt gekaderd. De uitkomsten worden vastgesteld. Aan iedere uitkomst hangt een prijs die de gemeente ervoor betaald nadat de uitkomst pas daadwerkelijk is behaald.

De investeerders leveren het werkkapitaal voor de uitvoerder. Uitvoerders gaan aan de slag. Project loopt gedurende een bepaalde periode. Na afloop wordt resultaat beoordeeld door de onafhankelijke beoordelaar. Op basis hiervan wordt er afgerekend tussen gemeente en uitvoerder. Uitvoerder rekent af met de investeerder (inclusief rendement voor de investeerder).

Dit doet pijn!

Een helder en zakelijk concept gericht op het oplossen van een maatschappelijk probleem. Prima kun je nu denken. Maar waarom jeukt het dan bij mij zo? Waarom doet het zelfs pijn?

  • Omdat het probleem in de basis het probleem is van gemeentes en uitvoerders die zoekende zijn en er samen niet goed uitkomen.
  • Omdat uitvoerders niet met goede oplossingen komen die werken en waar de gemeente vertrouwen in heeft.
  • Omdat de investeerders rendement halen en uitvoerders zich hiermee de kaas van het brood laten eten.
  • Omdat de commerciële partijen geld onttrekken wat ook rechtstreeks ingezet kan worden voor de oplossing van het maatschappelijke vraagstuk.
  • Omdat deze constructie vraagt om urenlange vergaderingen over processen en procedures waarmee het basisprobleem van het zoekproces tussen gemeente en uitvoerders niet wordt opgelost.
  • Omdat dit geen duurzame oplossing is.
  • Omdat ….

Het meeste pijn doet het bij mij dat uiteindelijk de mensen om wie het gaat, de ouderen, jongeren, mantelzorgers, vluchtelingen, niet worden geholpen. Terwijl goed opgeleide sociale professionals dit gewoon steengoed kunnen.

Professionals komen niet aan bod zolang wij aan de vergadertafel zitten en meegaan in dit soort monsterlijke constructies. Zolang het Sociaal Werk niet onderneemt. Niet voldoende in de gaten heeft dat de gemeente als klant om werkende oplossingen vraagt. Om vernieuwing van ons aanbod. Om innovatieve producten waarmee we keihard resultaat neerleggen. Waar we ook gewoon een goede prijs voor kunnen vragen (het geld is er wel!). Als we dit veranderen kunnen we gewoon als sociale ondernemers zakendoen met de gemeente zonder tussenkomst van investeerders en commerciële partijen.

Ik meen het bloedserieus: wacht geen seconde en start vandaag met ondernemen.

Zijn jullie al gestart met het ondernemen? Hoe pakken jullie dit aan? Fijn als je hieronder je gedachten, ideeën en tips wilt delen  🔽 🔽 🔽

P.S.: Wil je meer weten over het Social Impact Bond? Post dan hieronder even je mailadres. Dan stuur ik je de slides van de presentatie. 

 

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewarenBewarenBewaren

Een goede prijs voor Sociaal Werk is nu hard nodig

 

Sociaal Werkers kunnen goed met geld omgaan. Erg goed zelfs! Zelfs als er nauwelijks geld is weten we er toch iets van te maken. We zijn creatief. Zeker als het om onze klanten gaat halen we alles uit de kast.

We zijn ook zuinig. Tot op het bot. We vragen niet meer dan dat we strikt nodig hebben. Wat we nodig hebben berekenen we in modellen tot op de cent nauwkeurig soms. En als het de directeur bestuurder lukt om met een kwartje minder op het uurtarief een nog aantrekkelijker offerte neer te leggen dan doen we dat. Alsof we voortdurend in de uitverkoop liggen. 

 

Altijd maar balanceren op dit randje geeft veel spanning. Je weet nooit of het volgend jaar weer lukt. Het kan zomaar afgelopen zijn.

 

Er zijn grenzen. Dat vind ik. Misschien niet vanuit ons sociale hart maar wel vanuit een meer zakelijk en duurzaam perspectief.

Waar ligt jouw grens? Is die al bereikt?

Voor mij zit de kern in de waarde die we leveren. Als we onszelf serieus nemen en ook echt geloven in het verschil dat we maken in buurten en wijken dan past daar een goede prijs bij.

Wanneer een manager, financieel directeur of bestuurder de prijs vaststelt is het belangrijk dat hij of zij deze waarde voor ogen heeft en niet een kaal en koud uurtarief.

Een goede prijs is een prijs die goed voelt. Een prijs waarbij jij je trots voelt op je vak. Dat is ook gewoon de prijs die je goed kunt verkopen als je staat voor de waarde die je levert. Als je dat uitstraalt dan zullen opdrachtgevers graag zaken met je doen. En een opdrachtgever die jouw prijs niet accepteert is misschien gewoon niet de klant die bij je past.

Het wordt tijd dat het Sociaal Werk wat meer vlees op de botten krijgt. En wat meer geld in de portemonnee. Dat maakt ons vrijer, nog creatiever. En is de weg naar innovatie. Omdat je wat meer durft. Je creëert je eigen speelruimte. Omdat je de middelen hebt om te doen wat jij denkt dat er gedaan moet worden. De risico’s zijn beter afgedekt als er wat geld achter de hand is.

Het maakt ons ook een aantrekkelijke partner voor nieuwe opdrachtgevers. Zodat we minder afhankelijk zijn van subsidies.

Dit is de zakelijkheid die we volgens mij nodig hebben en die begint bij onze prijs. Ik ben benieuwd wat jij vind. Wil je jouw gedachten hieronder met ons delen? Graag! 🔽 🔽 🔽

 

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

De moeizame maar spannende zoektocht naar meer zakelijkheid in het Sociaal Werk

 

Ik val maar gelijk met de deur in huis. Vind jij het ook zo lastig? De zoektocht naar meer zakelijkheid in het Sociaal Werk? Ik wel! Zeker als sociaal werker en ondernemer ben ik voortdurend op zoek naar de goede balans. Als ik eerlijk ben zou ik eigenlijk het liefste mijn geitenwollen sokken aantrekken onder mijn mantelpak ;-)

Je verstand zegt dat het anders moet. Je ziet de verbeterpunten. Waar de verspilling zit. Waar we niet efficiënt bezig zijn. Waar we de ‘verliezende’ partij zijn.

Tegelijk heb je geen idee hoe het anders moet. Dat is niet zo vreemd. Het Sociaal Werk is na de oorlog ontstaan. In de jaren zestig toen de welvaart toenam is ons subsidiestelsel daar logisch uit voort gekomen. En dat is sindsdien nooit meer veranderd. We weten niet beter.

Om ons heen is er veel veranderd. De komst van het internet heeft veel veranderd. Ook de mensen zijn daardoor veranderd. E zijn nieuwe kloven tussen arm en rijk, zelfstandig en afhankelijk.

Ik las net in de Volkskrant dat ouderen liever een kop koffie doen bij de HEMA dan in het wijkcentrum. Zou ik ook willen als ik straks oud ben. Liever de HEMA dan het wijkcentrum. Hoe spelen wij daarop in? Gaan we een deal sluiten met de HEMA? Dat vind ik spannend. Jij ook? Veel ouderenadviseurs pochen op hun onafhankelijkheid en weren commerciële partijen alsof ze besmet zijn. Dan wordt het moeizaam.

Hoe vies is commercieel eigenlijk? Vroeger hadden grote commerciële bedrijven de dollartekens in hun ogen staan. En wij in het Sociaal Werk zagen vooral de ellende die daaruit voortkwam. Diezelfde bedrijven zijn veranderd. Ze zijn sociaal ondernemers geworden en trekken zich het lot van mensen aan. Ze zitten op ‘ons terrein’. Gaan wij ze de hand toesteken of blijven we de vinger opsteken?

Eind vorig jaar ben ik gestart met de leergang “Women on Boards” van Deloitte. Een giga commercieel en zakelijk bedrijf. Maar de mensen die ik er ontmoet zijn ontzettend sociaal betrokken. Het was even spannend (pas ik daar wel tussen? wat trek ik aan?) maar ik heb het nu ontzettend naar mijn zin. Compleet andere cultuur dan wij in het welzijnswerk gewend zijn maar wel super sociaal, erg inspirerend en gericht op ‘goed doen’.

De wereld is niet meer zwart versus wit. Niet meer profit versus non-profit. Niet meer sociaal versus zakelijk. De werkelijkheid is vloeibaar. Met alle ruimte en vrijheid om te verkennen wat dit voor jou betekent. Kansen en mogelijkheden dienen zich aan. Pak jij ze? Ik ben benieuwd naar je reactie hieronder 🔽 🔽 🔽

 

BewarenBewaren

BewarenBewaren

Het Geheim Van Blije Klanten ☺

 

Ik heb een nieuwe koelkast gekocht. Bij Witgoedhandel Verbeek. Geweldige winkel. Die kan ik iedereen aanraden. Ik zag er al maanden tegenop om een nieuwe koelkast te kopen. Gedoe! Toen ik zaterdag dan toch binnenstapte bij Verbeek viel het eigenlijk best mee. De koelkast heb ik zo uitgezocht. En nu is het maandag en staat hij al in mijn keuken te pronken. Hij is gebracht, geïnstalleerd en de oude koelkast hebben ze meegenomen. En wat nu zo leuk is, ik kreeg een kaartje met “gefeliciteerd met uw nieuwe koelkast”. En daaraan vast zat een bon voor een appeltaartje. Wat een verrassing!

 

Dit is het geheime recept voor blije klanten: geef ze iets wat ze niet verwachten.

Een verrassing, een extraatje, iets onverwachts.

 

Goede service en persoonlijke aandacht zijn standaard. Dat is wat klanten verwachten. Ga maar bij jezelf na: als jij ergens als klant binnenkomt verwacht je dat je goed en persoonlijk geholpen wordt. Als dat dan ook zo gebeurt dan ben je tevreden. Dan heb je als klant een goede ervaring gehad. Maar voor een goede ervaring klim je niet op het dak.

Wanneer je bovenop de standaard iets krijgt wat je niet verwacht, iets waardoor je blij verrast bent, dan onstaat er een andere emotie. Blijdschap, dankbaarheid en misschien zelfs ontroering. Dit zijn emoties die je graag met anderen deelt. Dit zijn de verhalen die mensen met elkaar uitwisselen: “ik kocht laatst een nieuwe koelkast en wat zo bijzonder was ….”. En als mensen je dan vragen waar dat was dan vertel je maar wat graag wie die aardige verkoper is. Hier klim je voor op het dak.

Blije klanten zijn jouw ambassadeurs. Die zijn goud waard. En ook in het Sociaal Werk heb je die nodig. Het zijn buurtbewoners die andere buren naar jou verwijzen. Het zijn wethouders die in een regionaal overleg een pleidooi voor je houden. Het zijn vrijwilligers die nieuwe vrijwilligers aanbrengen.

Even wat cijfers om het belang van mond tot mond reclame te onderbouwen:

  • 75% van de mensen geloven niet in advertenties, 92% gelooft in aanbevelingen van vrienden
  • mensen zijn 4x meer bereid om te kopen na een aanbeveling van een vriend
  • mond tot mond reclame genereert 2 x meer omzet dan betaalde advertenties
  • slechts 33% van de organisaties stuurt actief op mond tot mond reclame

(bron: https://www.impactbnd.com/blog/word-of-mouth-marketing-strategies-infographic)

Hoe kun je nu actief sturen op blije klanten die reclame voor jou maken?

Het geheim ken je nu: geef ze iets extra’s. Hoe kun jij dit nu in je werk als Sociaal Werker toepassen? Ik geef je graag een paar ideetjes maar het leukste is natuurlijk als jij en je collega’s samen de ideetjes bedenken.

  • een whatsappje als iemand jarig is
  • een doosje chocolaatjes om iemand te bedanken
  • een selfie met je klant die je print en in een enveloppe verstuurt
  • je klant in de spotlight zetten met een verhaal in je nieuwsbrief
  • de zelfgemaakte kaarten van je klant versturen naar de wethouders
  • een onverwacht bosje tulpen
  • een goedemorgen mailtje naar je beleidsambtenaar

Nog een laatste tip: zorg voor testimonials op je website.

Een blije klant wil dit vast ook delen in een testimonial. Liefste met naam en foto. En geloof me, de meeste klanten vinden het hartstikke leuk als je ze hiervoor vraagt.

Een testimonial waar ik bijvoorbeeld zelf erg blij mee ben is deze van Jelle de Boer die mijn programma “Basics in Ondernemerschap voor Sociaal Werkers” heeft gevolgd:

Deze training is er echt voor sociale professionals die net als ik bomvol ideeën en inspiratie zitten en dit vanuit eigen ondernemerschap willen gaan inzetten in het werkveld. Juist die sociale professionals die niet van zichzelf zouden denken een ondernemende pet te bezitten. Dit is je kans om op een inhoudelijk sterke manier door een inspirerende en rustige persoonlijkheid, in de vorm van Anneke, begeleid te worden op een weg naar zelfstandig ondernemen binnen het sociaal werk.

Zo mooi zou ik het zelf echt nooit hebben kunnen zeggen. Blije klanten wel. Die zeggen precies wat jij te bieden hebt en wat daar zo bijzonder aan is.

Ik hoop dat ik je met dit artikel heb geïnspireerd om aan de slag te gaan met je klanten. Om ze blij te maken. Zodat hun blijdschap weer in jouw voordeel gaat werken. Hoe mooi is dat!

Heb jij voorbeelden van blije klanten? Dan zou ik het erg leuk vinden als je dat hieronder wilt delen 🔽 🔽 🔽

 

💪 Zelluf Doen! [de eigen kracht van klanten]

 

‘Zelluf doen’ is wat we sinds de kleutertijd allemaal willen 💪. Iedere kleuter knokt er hard voor: je ouders overtuigen dat je nu al zo groot bent dat je het lekker zelluf wel kan. Als kleuter ontdekken mensen hun eigen kracht. Daar ligt de kiem. En hoe ouder we worden hoe meer we op eigen kracht ons leven gaan leiden.

Ook als mensen problemen krijgen zullen ze het eerst proberen zelf op te lossen. Mensen weten vaak zelf wel wat goed voor ze is. Die eigen kracht die is er gewoon al! Nu heeft de ene mens natuurlijk meer kracht ontwikkeld dan de ander maar in wezen zijn we allemaal nog die kleuter die het eerst zelf wil proberen.

Vaak lukt dit. Maar soms ook niet. Dan lukt het iemand niet om op eigen kracht zijn problemen op te lossen. ‘Zelluf doen’ werkt dan niet meer.

Wanneer jij als Sociaal Werker op dit punt klanten ontmoet is het belangrijk om je te realiseren dat jouw klant dus al een ‘tour de force’ achter de rug heeft. Hij of zij zal al van alles hebben geprobeerd om zijn of haar eigen probleem op te lossen.

Sommige klanten zijn daar erg ver in gegaan. Die kloppen pas aan om hulp als ze tot het uiterste zijn gegaan om het zelf op te lossen. Als ze dan echt niet meer kunnen, het echt niet meer weten, dan zijn ze vaak doodop. En is de nood erg hoog.

 

Precies dit is het inzicht dat ik je graag wil meegeven over het werken met je klanten. Als jouw klant doodop is en eindelijk durft toe te geven dat ‘zelluf doen’ niet meer werkt is het zo belangrijk dat je snapt waar jouw klant vandaan komt. Om de liefde te voelen voor je klant. Respect te tonen voor wat je klant zelf al allemaal geprobeerd heeft.

 

Na het tonen van je compassie is het dan tijd om te helpen. En dan ook echt te helpen. Het heeft dan geen zin om in die eerste fase een beroep te doen op de eigen kracht. Want die is op. Gun het je klant om de tijd te krijgen om met jouw hulp zijn eigen kracht weer op te bouwen. En stap voor stap weer het vertrouwen te krijgen dat hij of zij het straks weer helemaal lekker zelluf kan doen.

Herken jij dit in de manier waarop jij met jouw klanten werkt? Ik zou het leuk vinden als je dit in de reacties hieronder met mij wilt delen. 🔽 🔽 🔽

 

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

Liefde voor je klanten

 

Alles draait om klanten. Dus je kunt maar beter van ze houden. Een organisatie of onderneming zonder klanten is domweg niet in bedrijf. Als er geen klanten je deur binnenlopen die kopen wat jij voor ze hebt gemaakt, komt er ook geen geld binnen en zul je binnen no time je deuren moeten sluiten. EN HELAAS ZIJN ER GEWOON OOK WELZIJNSORGANISATIES DIE DIT OVERKOMT!

Klanten betalen jouw salaris, de pen waarmee je schrijft, het bureau waaraan je zit, de koffie die je drinkt.

De liefde begint bij een scherpe focus op jouw klanten. Om je daarbij te helpen heb ik vier vragen voor je:

 

Wie zijn jouw klanten?

Deze vraag roept altijd de vraag op of het de betalende opdrachtgevers zijn of de (meestal) niet betalende afnemers van de diensten van sociaal werkers. Mijn advies is om ze beiden als specifiek klantsegment te beschouwen. Zolang welzijnswerkers nog werken in het subsidiemodel waarbij een derde partij betaalt voor diensten die jij levert aan je klanten, blijft het spagaat. Nu zit het met de liefde van de meeste sociaal werkers voor de afnemende klanten wel snor. Waar we een flinke verbeterslag kunnen maken is in onze liefde voor de betalende klanten, meestal de gemeente. Wie houdt er van zijn wethouder?

En misschien zijn er wel klanten waar jij nu nog geen moment aan hebt gedacht maar die wel op jou wachten omdat jij de expertise hebt om hun problemen op te lossen. Ik hoop dat je hier even bij stil wilt staan …

 

Wat is hun pijn?

Klanten zijn altijd mensen die een probleem hebben. Groot of klein maakt niet zoveel uit. Wat wel uitmaakt is dat ze er last van hebben. Alsof het pijn doet. Dat ze daar van af willen. Dat ze het willen oplossen. En natuurlijk het liefste op eigen kracht. Maar meestal hebben ze dat al geprobeerd en is het niet gelukt. Daarom zijn ze op zoek naar een oplossing van hun pijn.

De moeder die de grip kwijt is op haar puber. De weduwnaar die de fles niet meer kan laten staan. De dochter die de zorg voor haar vader niet meer aan kan. De ambtenaar die niet meer slaapt omdat angst voor een buurt rel hem wakker houdt. De wethouder die graag herkozen wil worden maar een slecht imago heeft bij de burgers.

 

Wat is de oplossing van de pijn?

Heb jij die oplossing? Heb jij de expertise om een oplossing te maken voor jouw klant? Het moet natuurlijk wel een oplossing zijn die werkt. Niet iets wat jij bedenkt omdat je denkt dat het wel leuk zal zijn voor die moeder, die weduwnaar, die dochter, de ambtenaar, de wethouder. Echte oplossingen zijn nodig, daar wordt nu al op gewacht.

Natuurlijk verpak jij jouw oplossing in een aantrekkelijk product. En mag dat product ook best leuk zijn. Maar in de kern gaat het om de transformatie die jouw product bewerkstelligt voor de klant waarbij aan het einde van de transformatie de pijn is opgelost.

 

Kiezen klanten voor jou?

Als jij de oplossing hebt voor jouw klanten is het natuurlijk fijn als jouw klanten ook voor jou kiezen. Als jij de aanbesteding wint. Als jouw offerte de beste is. Als jij uit de lijst met aanbieders wordt gepikt.

Klanten kiezen zelden op basis van jouw product. Waar ze wel op letten is of jij aardig bent. Of ze jou kunnen vertrouwen. Of ze jou geloven als jij zegt dat jouw oplossing de beste is. Of, zoals Jos Burgers zegt: “of jouw smoel ze aanstaat”.

Dat is heftig! Maar wel echt waar. In mijn trainingen gaan we altijd op zoek naar de vraag waar klanten blij van worden en de lijst die we dan maken gaat altijd over softe zaken zoals persoonlijke aandacht, gezien worden, complimentjes krijgen.

Wanneer heb jij voor het laatst de wethouder een complimentje gegeven? De slappe lach gehad met die moeder? Een knuffel gegeven aan de weduwnaar?

 

MIJN TIP: Probeer deze week eens een collega aan de mouw te trekken en bespreek samen deze vier vragen over jullie klanten. Op welke antwoorden komen jullie uit? Zitten daar verbeterpunten voor jullie in? Hoe ga je die aanpakken?

Liefde voor je klanten heeft net als in een echte liefdesrelatie onderhoud nodig. Zodat het blijft sprankelen. Op de liefde!

 

 

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

Het is zo zonde dat Sociaal Werkers steeds minder tijd hebben voor hun klanten

De laatste tijd ben ik veel in gesprek geweest met Sociaal Werkers die HET kwijt zijn: de spirit, passie, werkplezier.

 


Hun verhalen raken me. Ze gaan over werkdruk, meer doen met minder, taken waar ze niet voor zijn opgeleid, concurrentie. En, waar de meeste pijn zit, steeds minder tijd hebben voor je klanten. En dat is zo zonde!

Ik zie hun diepe verlangen naar meer rust. Doen wat je hart je ingeeft in plaats van het volgen van complexe protocollen. En bovenal meer tijd en ruimte voor hun klanten. Het lijkt wel alsof alles wat erbij komt, iedere nieuwe ontwikkeling ze verder wegdrijft van hun liefde en passie voor hun klanten.

Wie is er verantwoordelijk? Jouw manager? Helaas is dit vaak niet de oplossing. Veel managers zitten zelf met de handen in het haar.

Kun jij zelf iets doen om dit op te lossen? Ik denk het wel! Je kunt beginnen met je eigen werk te claimen. Werk waar jij gelukkig van wordt. Waarin jij alle tijd hebt voor jouw klanten.

 

Ik wil je graag een paar handreikingen geven en mijn eigen oplossing met je delen. Gewoon vanuit mijn hart en compassie met jou.

  • Respecteer je grenzen: zeg NEE als dat echt nodig is.
  • Zorg goed voor jezelf: eet goed, slaap goed en zorg voor voldoende beweging.
  • Vermijd conflict: je werk claimen doe je niet vanuit conflict. Dat loopt meestal slecht af en jij bent de grote verliezer.
  • Gebruik jouw innerlijke kracht: de rust en zekerheid en professionaliteit zit daar verborgen. Hier moet je weer naar op zoek. Wie ben ik? Waar sta ik voor?
  • Ga op zoek naar kansen: grijp kansen die voorbij komen, wees niet bang.

 

Die laatste is mijn oplossing! Ondernemerschap. Want ondernemerschap creëert kansen. Ondernemerschap is de oplossing om weer verliefd te worden op je vak.

 

Hoe zou het zijn als jij je de baas bent in je eigen bedrijf of een eigen project? Als jij een systeem creëert voor jezelf waarin jij met passie, rust en focus kunt werken met je klanten?

Sociaal Werkers die ondernemen claimen de vrijheid om dit te doen. Ik heb dat gedaan. Ik ben Sociaal Werker en Ondernemer. Ik houd van mijn leven. Ik houd van mijn werk en mijn klanten. Ik heb mijn passie weer gevonden!

Als jij wilt weten of dit voor jou ook mogelijk is, doe dan de test. Ontdek de ondernemer in jou die er nu gewoon al is.

 

Vind vandaag je passie terug, tijd voor je klanten, claim je werk en wordt weer verliefd op je vak!

Doe de test  >>>

(het duurt nog geen 5 minuten)

 

 

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewarenBewarenBewaren

BewarenBewaren

Mijmeren over marketing [hoe heb ik het dit jaar gedaan?]

 

Gisteren sprak ik met een vriendin die ook onderneemster is, over marketing. Market Getting > marketing = klanten krijgen. Of je nu werkt voor een baas of je eigen bedrijf hebt, allemaal willen we klanten.

Klanten zijn de mensen die ontvangen wat jij in de wereld brengt. En dit werkt natuurlijk ook gewoon zo voor ons Sociaal Werkers. Iedereen zit in de marketing.

Als ik in het gesprek al mijmerend terug kijk hoe ik het dit afgelopen jaar zelf heb gedaan dan gaat het vooral om relaties bouwen, onderhouden en helpen waar ik kan. In de eerste helft van het jaar was ik wat zoekend. Ik bespeurde bij veel Sociaal Werkers een verlangen. Een verlangen wat ik zo zou kunnen samenvatten:

“En nu ik!”.

Sociaal Werkers starten een zoektocht naar wat ze nog meer kunnen en hoe ze dit willen vormgeven.

Ik heb gevraagd wie er met mij over in gesprek wilde gaan. Vervolgens heb ik veel mooie gesprekken mogen hebben waarin steeds duidelijker werd voor mij hoe ik kan bijdragen aan het realiseren van verlangens en dromen.

Na de zomer ben ik zelf krachtiger aan de slag gegaan met een heldere boodschap: “Ondernemerschap voor Sociaal Werkers”. Ik heb mijn ervaringen uit de gesprekken gedeeld in veel blogs en artikelen, ik heb een test ontwikkeld en ben weer vaker een email gaan sturen.

Relaties bouwen, onderhouden en helpen. Walk you talk! Dit is wat ik mijn klanten leer en zo doe ik het zelf ook. Het is fijn om jou te kennen. Het is fijn om jou te helpen en met je mee te denken over jouw dromen en verlangens. Het is fijn om jou te inspireren met mijn emails, soms vol mijmeringen, soms vol kennis en soms met een hint naar mijn aanbod. En als het zover is dan weten mijn klanten mij zelf te vinden. Zo werkt mijn marketing.

Ik sluit 2017 af met goede zin. Mijn bedrijf loopt lekker en in 2018 staan al een paar lieve klanten op mij te wachten om samen aan de slag te gaan.

Ik wil jou bedanken omdat we elkaar kennen. Omdat ik je mag inspireren en helpen. En met je mag werken als jij zover bent.

 

Fijne feestdagen en tot in 2018!

 

BewarenBewaren

Een liefdevolle daad

 

Zo vlak voor een nieuw en vers jaar breekt altijd de tijd aan van terugblikken en vooruitkijken. Iedereen doet dit op zijn eigen manier. Jij bent vast ook al druk geweest met rapportages en werkplannen.

Gisteren ben ik er goed voor gaan zitten. En er gebeurde iets bijzonders. Iets wat ik totaal niet had verwacht. En dit wil ik graag met je delen omdat ik zeker weet dat dit ook voor jou is.

Gisteren was het Planning Day voor mij en mijn maatjes, collega onderneemsters uit Chicago, Avignon, Fort Lauderdale en Harare. Een fijn gezelschap van vrouwen die ik nu al twee jaar ken. Iedere woensdagavond om 7 uur komen we bij elkaar.

Ik ben goed voorbereid en heb al mijn cijfers en overzichten om me heen verzameld. Bedrijfsresultaten, een rijtje wat goed ging, een rijtje wat minder ging, een rijtje wat er anders moet, etc.

Dan opent Juliet de sessie met een onverwachte vraag:

What are 10 things that you’d love to forgive yourself for, release and let go (from 2017)?

Wat zijn de dingen die jij jezelf wilt vergeven?

Onmiddellijk kwamen er een aantal dingen bij mij naar boven. Kleine dingen maar ook 1 heel groot ding. En dat raakte me. Tjonge, pffff…. En ik heb de tijd genomen om mezelf te vergeven. Ik heb het gedeeld met het groepje en het voelde verschrikkelijk goed.

Wat zijn de dingen van dit afgelopen jaar die jij jezelf wilt vergeven?

Pak even een paar seconden om te voelen …

 

Jezelf vergeven is een liefdevolle daad. Zo heb ik het in ieder geval beleefd gisteren. Je kunt de dingen loslaten die niet goed zijn gegaan, fouten die je hebt gemaakt, doelen en werkresultaten die je niet hebt gehaald.

Juliet zei: “Vergeven en loslaten betekent dat je er vanaf nu niet meer aan hoeft te denken, je niet meer schuldig hoeft te voelen. Het maakt je lichter. En open en nieuwsgierig naar het nieuwe jaar.”

Naast het bekende ‘eindejaarsgevoel’ van ‘ik moet nog zoveel doen’ heb ik sinds gisteren ook heel veel zin in 2018. Mijn bedrijf is nu op orde, ik heb een geweldige fijne klantenkring, mijn producten geven resultaat. In 2018 ga ik me richten op het verfijnen daarvan. Kernwoorden zijn: service, connected en impact.

 

Een mistige organisatie [dat doet zeer!]

 

“Jullie zijn een mistige organisatie.” De stakeholder werkte bereidwillig mee aan het stakeholdersonderzoek. Waardering alom voor de aardige mensen en het goede werk maar verder “zijn jullie vooral een mistige organisatie”.

Ai. Dat doet zeer. Helaas is deze welzijnsorganisatie vast niet de enige mistige organisatie in ons land. En mistig wil je als organisatie niet zijn.

Integendeel! Een organisatie kan pas haar werk doen als voor iedereen glashelder is waar zij voor staat. Wat haar unieke positie in de markt is. Ik reik graag de helpende hand.

Belangrijkste oorzaak van onze mistige positionering is dat veel welzijnsorganisaties een bonte verzameling zijn van doelgroepen, diensten, subsidies, potjes en projecten. We zien overal kansen en duiken overal in. Dat siert ons. Maar heeft ook als nadeel dat je mistig wordt. Een duizend-en-één-dingen-doekje dat overal voor te gebruiken is.

Er zijn twee oplossingsrichtingen.

De eerst oplossing is KIEZEN. Niet meer van alles doen voor iedereen. Waar ben jij als organisatie keigoed in? Wat onderscheid jou in de markt? Durf je hier nog beter in te worden?

Het is natuurlijk ontzettend eng om te kiezen. Het bedenken wat je dan allemaal niet meer gaat doen voelt als een verlies. Het kan zelfs voelen als het in de steek laten van doelgroepen aan wie je je hart hebt verpand. Dat is een rotgevoel en daar moet je doorheen. Maar daarna zul je al gauw merken hoeveel voordelen het heeft om je als specialist te positioneren in de markt. Klanten en opdrachtgevers zullen je gemakkelijk weten te vinden. En Sociaal Werkers kunnen weer groeien in hun vak.

De tweede oplossing is het ontwerpen van een MERKARCHITECTUUR. Als je niet wilt kiezen en alles wilt blijven doen dan is het zaak om op een andere manier helderheid te verschaffen. Een merkarchitectuur gaat je daarbij helpen.

Je maakt een inventarisatie van alles wat jullie op de markt brengen. Dit worden je submerken. Fijn als je dit kunt koppelen aan expertise van de medewerkers. Dus jongerenwerkers worden weer jongerenwerkers en zetten dit merk in de markt. Er zal ook een merk zijn voor mantelzorgondersteuning, vrijwilligersondersteuning, etc. Al deze merken gaan hun eigen marktstrategie volgen en zich positioneren als een helder, uniek en leidend merk in hun markt.

De moederorganisatie kiest daarbij welke rol zij als moedermerk wil spelen. Op de voorgrond of op de achtergrond zoals bijv. ‘powered by’. Op deze manier creëer je helderheid.

Beide oplossingen zijn strategische oplossingen. Dit betekent dat de bestuurder en het MT hiermee aan de slag gaan. Mijn advies is om hier niet te lang meer mee te wachten. Wil je hulp? Neem dan even contact met me op.

 

BewarenBewaren