Money makes the world go round

De laatste dagen ben ik veel bezig met geld.

Dat is niet zo verwonderlijk als je bedenkt dat welzijn in de ban is van bezuinigen. En misschien speelt het ook wel mee dat ik sinds 1 maart 100 procent ondernemer ben en er even aan moet wennen dat het geld niet meer vanzelf rond de 20e van de maand op mijn rekening staat. Ik heb onder andere het boek ‘Geef nooit korting’ van Jos Burgers gelezen. Jos schrijft dat het belangrijk is dat je trots bent op jouw prijzen.

Onlangs sprak ik een hoofd financiën van een middelgrote welzijnsorganisatie. Hij was zeker trots op zijn prijzen. ‘Krap werken’ noemde hij het: teveel doen voor te weinig geld. Zijn grote hart ging uit naar de klanten: ‘die kun je niet in de steek laten’. Ook gaf hij aan dat als ze maar kostenbewust zouden werken ze eigenlijk ook niet veel meer nodig hadden, het gaat toch ook om gemeenschapsgeld en daar moet je zuinig mee omgaan.

Je kunt jouw prijs bepalen op basis van jouw kosten. Als je dan erg ‘krap werkt’ kun je voor een klein prijsje jouw diensten leveren. Maar staat die prijs dan in verhouding tot de werkelijke waarde die je levert? Als je de prijs bepaalt kun je ook kijken naar wat de markt bereid is te betalen op basis van toegekende waarde. De klant is niet geïnteresseerd in wat het mij kost maar in wat het hem kost en welke waarde hij ervoor geleverd krijgt.

Dan nog iets: Hoe belangrijk is het om goedkoop te zijn? Goedkoop is duurkoop is een gezegde wat nog vaak de spijker op z’n kop slaat. Prijs is een belangrijke indicator van kwaliteit. Als het goedkoop is wil de klant eerst snappen waarom het goedkoop is voordat hij de kwaliteit vertrouwt.

Als klanten zeggen dat je te duur bent is dat vervelend. Het is pas echt een ramp als je dat zelf ook vindt. Als je nog nooit hebt gehoord dat je te duur bent ben je zelfs waarschijnlijk te goedkoop. Zie de klant die moeite heeft met jouw tarief als bewijs dat jouw prijs op een goed niveau zit. En als de klant over de prijs begint wil hij waarschijnlijk met je in zee. Anders begint hij er immers niet over. Ik ben benieuwd welke welzijnsorganisatie wel eens te horen heeft gekregen dat ze te duur is.

De prijs is alleen doorslaggevend als er geen onderscheid is in de verschillende leveranciers. Geef daarom de klant een goede reden om specifiek voor jou te kiezen. Als de klant overtuigd is van jouw unieke waarde is de prijs minder belangrijk.

Dan schrijft Jos nog iets wat mij persoonlijk erg raakte. Hij noemt dit ‘vermeende prijsdruk’: de klant wil niet met je in zee en voert als argument aan dat je te duur bent terwijl de werkelijke reden is dat jouw hoofd hem niet aan staat. En dat zal hij natuurlijk nooit tegen je zeggen. Ik hoor Jet Bussemaker dan nog zo zeggen: ‘Twee derde van de relaties tussen gemeente en welzijnsorganisatie worden als slecht beoordeeld’. Ik ben benieuwd welke conclusies jij dan trekt. Je kunt hieronder reageren.

P.S.: vond je dit een goed artikel waar je wat aan hebt, schrijf je dan even in voor mijn ezine WNmarketing Inspiratie. Je krijgt dan de nieuwste artikelen vanzelf in jouw mailbox! Inschrijven kan rechtsboven op deze pagina.

 

Mijn ideale welzijnsorganisatie

Mijn ideale welzijnsorganisatie.

Stiekem heb ik wel eens gewenst dat ik een nieuwe welzijnsorganisatie zou mogen oprichten. Gewoon vanuit het niets helemaal van onderaf opbouwen. Om alle inzichten in te kunnen stoppen en zo een voorbeeld te hebben van hoe het wel kan. Flauwekul natuurlijk want niemand heeft de wijsheid in pacht.

Zou ik overigens de boreling wel ‘welzijnsorganisatie’ willen noemen? Liefste zou ik kiezen voor een naam die gelijk duidelijk maakt aan mijn klant wat hij of zij bij mij kan halen.

De klant is voor mij de afnemer van mijn diensten, de gebruiker, dus, zoals je wilt de burger. Wat kan die klant dan bij mij halen? Hulp bij gelukkig zijn, gezond zijn, lekker wonen en sociale contacten als de klant daar zelf niet uitkomt. Ik wil gaan voor een duurzame relatie. Ik wil vooraan in de rij staan als mijn klant er zelf niet uitkomt. Als mijn klant nog jong is wil ik hem helpen te spelen met andere kinderen als hij zelf gepest wordt. Als mijn klant later zelf kinderen heeft help ik hem als hij zich zorgen maakt over de veiligheid in de buurt. Als de kinderen al de deur uit zijn en zijn partner overlijdt en hij stikt van verdriet wil ik hem helpen met zijn rouw.

Helpen is voor mij niet zijn probleem overnemen maar als een raadsman en vertrouweling terzijde te staan. Ik kan helpen door mijn klant te verbinden met zijn eigen kracht en de kracht van mensen om hem heen. De mensen om hem heen zijn familie, vrienden, buren, vrijwilligers en andere professionals.

Wie betaalt mij voor mijn hulp? Met mijn hulp lever ik waarde en die waarde kan ik vertalen in een prijs. Het liefste wil ik dat diegene die de waarde ontvangt ook zelf die prijs betaalt. Dus ik stuur een rekening naar mijn klant. Als mijn klant de waarde in verhouding tot de prijs als eerlijk ervaart zal hij de rekening betalen.

Ik zorg ervoor dat ik diensten heb ik verschillende prijsklassen. Een instapdienst zoals bijv. een teleseminar waarin ik wel 100 klanten tegelijk 7 tips kan geven hoe om te gaan met rouw. Tegen weinig kosten lever ik waarde die ik kan vertalen in een kleine prijs. Een stap verder biedt ik online hulpverlening, geen reiskosten of dure gespreksruimten dus ook dan kan ik met minder kosten nog steeds waarde leveren en een redelijke prijs vragen. Natuurlijk heb ik ook mijn high-end product: een exclusief pakket van 6 individuele hulpverleningsgesprekken, waarde voor een volle prijs. De waarde in elke vorm van diensten staat voorop!

Als mijn klant zelf niet genoeg geld heeft om de rekening te betalen zoekt mijn klant zelf naar andere manieren om toch te kunnen betalen. Misschien kan mijn klant zelf ergens waarde leveren voor een prijs waarmee hij mijn prijs weer kan betalen. Misschien kan mijn klant met mijn rekening naar de gemeente gaan en de gemeente vragen om te betalen, of de verzekering. Of kan familie de rekening betalen. Ik denk graag met mijn klant hierover mee.

Nu heb ik het steeds over ‘ik’ en als ik het heb over een nieuwe welzijnsorganisatie gaat het natuurlijk eigenlijk over ‘wij’. Dan heb ik welzijnswerkers in dienst die wellicht denken: “het zal wel met die waarde en prijs, ik wil gewoon maandelijks mijn loon”. Op dit punt begin ik te twijfelen. Hoe verbind ik loon aan waarde? Ga ik dan toch naar de gemeente en zeg ik “jij wilt gelukkige burgers, die waarde ga ik leveren maar dan moet je wel eerst de prijs op mijn rekening storten zodat ik gegarandeerd lonen kan betalen”. En wie bekommert zich daarna nog om de waarde? Of heb ik voor welzijnswerk zoals ik het hier schets helemaal geen organisatie nodig? Er zijn inmiddels steeds meer mensen die in een waarde-economie, de society 3.0, geen plek meer zien voor hiërarchische organisaties.

Kortom, de wijsheid heb ik inderdaad niet in pacht. Wel inzicht in dat het anders moet en kan. En wat is jouw idee? Hoe ziet jouw ideale welzijnsorganisatie er uit? Hieronder bij de reacties kun je jouw ideeën kwijt.

Workshop “Bezuinigen: creatieve verdienmodellen voor welzijn”

Bezuinigen?

In barre tijden is het de manager die snijdt in de kosten maar de leider die nieuwe inkomsten zoekt!

Ben jij ook al aan het bedenken hoe je deze bezuinigingsronde nu weer opvangt? Misschien dat je nu toch echt de abonnementen op de vaktijdschriften moet opzeggen. En als je dat al bij de vorige ronde hebt gedaan dan kun je er nu echt niet meer langer omheen en zijn de medewerkers aan de beurt.

Heb jij er wel eens over nagedacht hoe het zou zijn om:

  • zelf grip te hebben op de inkomsten van jouw organisatie?
  • je niet meer afhankelijk te voelen van subsidies?
  • de omzet te maken die past bij de waarde die je levert?

Veel welzijnsorganisatie zitten vast in historische constructies waar het moeilijk aan ontsnappen is. Gemeentes worstelen daar ook mee. Het dilemma tussen gunnen en hard zakendoen lost menige gemeente op met bezuinigingen: je krijgt nog steeds gegund maar ook een signaal dat het zo niet langer kan. Eigenlijk vlees noch vis.

De eerste reactie op aangekondigde bezuinigingen is vaak ongeloof en boosheid. En nadat je al het vet op de botten al hebt wegbezuinigd  kom je aan het personeel. De pijn als goed gekwalificeerde medewerkers en fijne collega’s moeten vertrekken is onbeschrijfelijk groot.

Maar kan het ook anders? Zeker!

In deze workshop gaan we eerst samen het grote misverstand van de bezuinigingen opruimen. We gaan de focus verleggen van subsidie krijgen naar geld verdienen. Voel je het verschil?

Geld kun je verdienen als je waarde toevoegt. En de waarde die welzijnsorganisaties toevoegen is enorm. Onze bijdragen aan veiligheid, leefbaarheid en geluk zijn groot. En je daarvoor laten subsidiëren door de gemeente is maar 1 manier om geld te verdienen. Maar er zijn nog legio andere mogelijkheden in de vorm van creatieve verdienmodellen. In dit opzicht kunnen welzijnsorganisaties veel leren van de wereld om ons heen. Ken jij bijvoorbeeld het verdienmodel van Twitter?

Nadat we onze focus hebben verlegd van subsidie krijgen naar geld verdienen, neem ik jullie mee in een korte inleiding in marketing. Het helder hebben van jouw positie in de markt is namelijk een voorwaarde om een keuze te maken hoe jij je geld gaat verdienen. Daarna bespreken we de bekende 9 bouwstenen van een goed businessmodel van Alex Osterwalder. De bouwstenen staan aan de basis van jouw marketingstrategie. In de volgende stap neem ik je mee in de wereld van de creatieve verdienmodellen. Bij ieder model geef ik een aansprekend voorbeeld waardoor blijkt dat het werkt.

Samen gaan we daarna de vertaalslag maken naar jouw welzijnsorganisatie. Je gaat kijken welk verdienmodel past bij jouw organisatie en het probleem dat je wilt oplossen. Een beetje out of the box denken wordt dan wel van je gevraagd!

Wat levert deze workshop jou op?

  • een andere kijk op bezuinigingen
  • hierdoor nemen de zorgen af en komt het plezier weer terug
  • jouw focus wordt verlegd van subsidie krijgen naar geld verdienen
  • kennis van de negen bouwstenen van Alex Osterwalder
  • kennis van creatieve verdienmodellen
  • een praktische vertaalslag naar een verdienmodel voor jouw eigen welzijnsorganisatie
  • nieuwe inkomsten voor jouw organisatie

“Na afloop van de workshop Creatieve Verdienmodellen ben ik met onze managers en top-jongerenwerker aan de slag gegaan hoe we op korte termijn de bezuinigingen het hoofd kunnen bieden. En daarbij kon ik af en toe een opmerking/tip uit jouw workshop goed gebruiken! Een incomany workshop zou mij en mijn collega’s een goede boost kunnen geven om hiermee verder te gaan maar eerst moeten we kijken of we iedereen hierin mee kunnen krijgen. Ik ben in elk geval helemaal opgeladen voor de komende weken en wil je daar graag voor bedanken!”

Renée van Limborgh, opbouwwerk Diverz, heeft deelgenomen aan de workshop op 26 april

“Ik vond het een boeiende workshop, die me zeer zeker geinspireerd heeft. Ik wil er graag nog wat over lezen en het gaan toepassen.”

Betty Wilms, Wel.kom, teammanager Roermond, heeft deelgenomen aan de workshop op 14 oktober

Het programma is als volgt:

1. Wat is er aan de hand in Nederland?

  • economische recessie en bezuinigingen in het welzijnswerk
  • society 3.0: wat verandert er?

2. Waarde, geld en welzijn

  • waarde van welzijn
  • klem van het subsidiemodel
  • hoe vertaal je waarde in geld?
  • kijken naar prijzen

3. Business- en verdienmodellen

  • 9 bouwstenen van Alex Osterwalder
  • creatieve verdienmodellen: voorbeelden voor welzijn
  • creatieve verdienmodellen: zelf aan de slag (oefening)

Praktische zaken:

De laatste workshop met een open inschrijving was op 14 oktober. Op dit moment is de workshop alleen incompany te boeken. Neem daarvoor contact met mij op.

Garantie:

Andere welzijnswerkers en welzijnsorganisaties hebben het voor jou al eerder gedaan: meedoen met een workshop, training, leergang, coaching, de club of mij inhuren voor een opdracht. Ik wil graag mijn klanten verwennen en ga voor de beste resultaten. Mijn klanten zijn tevreden klanten. Daarom geef ik garantie: ben je na afloop niet tevreden (en je hebt wel met alles meegedaan) dan krijg je jouw geld terug.

Van ZIP naar WIP [gastvlog]

Gastvlog: Van ZIP naar WIP

Op 8 december jongstleden bestond het ZIP café 1 jaar. Het ZIP café is een initiatief van het Zorg Innovatie Platform. Bij de eerste editie van het ZIP café op 8 december 2009 was ik van de partij. Dit heeft mij geinspireerd tot trend 11 voor 2010: “WIP: het WIP wordt opgericht, Welzijn Innovatie Platform en gaat samenwerken met ZIP, Zorg Innovatie Platform. VWS en EZ juichen dit toe en belonen het initiatief met ongekend hoge subsidies.”

Aangezien de oprichting van het WIP tot nu toe in 2010 nog niet had plaatsgevonden, ben ik op 8 december 2010 opnieuw weer naar het ZIP café getogen als ultieme poging om iets in beweging te krijgen. Het idee voor een WIP sprak veel bezoekers van het café aan. Als speciale gastvloggers wilden ze voor mijn camera er wel iets over kwijt. Voorlopig resultaat: voornemen om in 2011 een speciale editie van het ZIP café te organiseren met Innovatie in Welzijn als hoofdthema! Wil je meedenken of heb je suggesties, post dan jouw reactie hieronder. Wordt vervolgd.

Dit was echt de allerlaatste gastblog uit de serie van 11. De blogs leveren stuk voor stuk een waardevolle bijdrage aan het welzijnswerk in Nederland door hun kritische, actuele maar vooral blije kijk op ons werk. Wil je alle blogs op een rijtje klik dan hier.

Ambassadeurs: kletsende klanten over welzijn

Al vaker heb ik het gehad over ambassadeurs en hoe belangrijk ze zijn voor jouw welzijnsorganisatie. Ambassadeurs zeggen wat je soms zelf niet zo goed durft te zeggen. Namelijk hoe goed je bent. Ambassadeurs zijn jouw kletsende klanten in positieve zin. Ze zorgen voor de zo gewilde mond-tot-mond reclame (vaak ook wel mond-op-mond reclame genoemd maar dat is toch echt niet goed).

Hoe krijg je ze?

Ambassadeurs zijn jouw klanten die tevreden zijn. Meer dan tevreden zelfs. Ze zijn zo tevreden dat ze er graag met anderen over willen kletsen. Maar hoe krijg je nu tevreden klanten? Door bij alles wat je doet de klant centraal te stellen. Gewoon goed je werk doen. Met passie en aandacht voor de klant.

Hoe herken je ze?

Het is belangrijk om te weten wie jouw ambassadeurs zijn. Ambassadeurs herken je als de klanten die er altijd zijn wat je ook maar organiseert. Het zijn de klanten die dankbaar zijn en jou soms graag iets willen geven. Maar om zeker te weten of het echt jouw ambassadeurs zijn is er maar 1 doeltreffende en simpele methode: gewoon de vraag stellen. “Zou u ons aanbevelen bij uw buurvrouw, uw buurman, familie of kennissen?” Dit vragen is best eng en je moet misschien een drempel over. Maar heb het lef en ervaar eens wat er gebeurt. Je krijgt verrassende antwoorden. In 90% van de gevallen krijg je een volmondig ja.

Hoe helpen ze je?

Ambassadeurs helpen je aan nieuwe klanten. Vraag ze om een volgende keer een vriend of vriendin mee te nemen naar de soos. Beloon ze wanneer ze dit doen. Met een gratis kopje koffie of een stevige schouderklop. Een tip: geef de aanbevelingen van jouw klant een prominente plek op de homepage van jouw website. Bij voorkeur met naam en toenaam. Vraag wel eerst even om goedkeuring natuurlijk. Ambassadeurs helpen je ook om te ontdekken waar jouw passie zit, waar jij goed in bent. Deze klant is niet voor niets zo tevreden. Laat je door jouw klant inspireren door te vragen waarmee hij of zij zich zo goed geholpen voelt.

Klachten.

Maar let op, ook ontevreden klanten blijven niet onopgemerkt! Zij kunnen buitengewoon negatief zijn en ook zij kletsen graag. En dit kan ingrijpende gevolgen hebben. Wees daarom alert bij klachten. De grootste uitdaging is van van een klagende klant een tevreden klant te maken. Los de problemen op zonder gelijk te willen helpen want dat zal niet helpen.

Iedereen die werkt in een welzijnsorganisatie speelt een hoofdrol in het krijgen van ambassadeurs. Wees je daarvan bewust. Wees loyaal, werk met passie en heb zorg voor jouw klanten. Wil je ontdekken hoe je hier nog beter in wordt? Lees dan nog even door en doe mee met de workshop Personal Branding voor welzijnswerkers.

#transitie

Eind juni heb ik wederom deelgenomen aan een bijeenkomst van het transitieprogramma duurzame zorg. Ik maak jullie graag deelgenoot. De eerste tweets hebben betrekking op de inleiding door Jord Neuteboom. Daarna neemt Kim Putters het woord.

Wat is zorg? Liefde aandacht hulp presentie… #transitie

Probleem van de zorg nu zijn de verbroken verbindingen. Tussen lichaam en geest verzorgende en verzorgde #transitie

Er is een maatsch transformatie van overleven naar langer leven naar bewust leven #transitie

Er is vertrouwenscrisis in de zorg: 93% vindt dat het anders moet. #transitie

Transitie visie: mensgericht economisch volhoudbaar maatschappelijk ingebed #transitie

Mensenzorg: ont-wikkelen (mensen) ont-regelen (organisaties) en ont-schotten (samenleving) #transitie

Van harnas naar zomerjurk #transitie

Nu prof. dr. Kim Putters: de winst van zorgvernieuwing #transitie

Bij vernieuwing in de zorg wordt meestal gedacht in systemen logistiek en structuren #transitie Staat ver af van mensen die er werken.

Dominante trends innovatie zorg: vergrijzing nieuwe ziekten jongeren niet geïnteresseerd vermaatschappelijking bezuinigingen #transitie

Doordat er voor zorg steeds meer verbindingen komen naar aanpalende domeinen kruipt zorg terug in de eigen koker. Angst/innovatie #transitie

Innovatie zorg vraagt om lef risico nemen en verschil toestaan wil tot samenwerken #transitie

Zaal reageert verontwaardigd bij verhaal waar blijkt dat schot tussen AWBZ en Wmo-financiering mensen niet helpt #transitie

VWS wil innovatie stimuleren, maar wil liefst vooraf weten wat eruit komt! Kim vraagt of de overheid wel juiste partij hierbij is #transitie

Bevorderende factoren innovatie zorg: gevoel van urgentie aanwezig van change-agents slimme strategie door klein te beginnen #transitie

Belemmerende factoren innovatie zorg: o.a. onenigheid en weerstand bij professionals #transitie

Als dat klopt, dan gebeurde het al! RT @annekekrakers: vertrouwenscrisis in zorg: 93% vindt dat het anders moet. #transitie, leonvincken

Conclusie Kim Putters: innoveren op duivelselastiek: spanning sturing-toezicht vraag-aanbod verwachtingen- verantwoording #transitie

Hier nu echt de laatste loodjes voor vakantieaftocht. Nog even stoeien met twapperkeeper om tweets #transitie te kunnen pakken voor blog.

Fijne vakantie ook voor jullie!

Toekomstagenda Sociaal Werk: de burger aan het stuur

De Toekomstagenda van het Sociaal Werk bestaat naar onze mening uit DE ontschotting tussen zorg en welzijn. Burgers, klanten van zorg en welzijn, zullen daar erg blij van worden. Want zij moeten zelf aan het stuur komen.

Om met de woorden van Jos van der Lans te spreken: het zal de burger een worst wezen waar hulp vandaan komt. Onderzoek door WelzijnNederland bevestigt dit: Nederlanders gooien zorg en welzijn op één hoop. Bijna de helft van de Nederlanders (47,8%) is onbekend met het welzijnswerk. Jongeren van 15 tot 24 kennen het welzijnswerk het minst (57,3% is onbekend), ouderen van 65 jaar en ouder kennen het welzijnswerk het beste (59% is bekend).

Wanneer Nederlanders wordt gevraagd naar wat volgens hen het welzijnswerk inhoudt volgt een bonte stoet van omschrijvingen. Bijna 12% is eerlijk en zegt geen idee te hebben. De overige ondervraagden geven omschrijvingen waaruit blijkt dat voor de meeste Nederlanders er geen wezenlijk verschil is tussen zorg en welzijn. Een van de ondervraagden noemt het welzijnswerk “de leuke kant van de zorg”. Veel Nederlanders denken ook dat welzijnswerk er vooral voor ouderen is.

Toekomstagenda Sociaal Werk

Het welzijnswerk moet op de schop. De keuze voor de term Sociaal Werk wordt gemaakt omdat dit beter het brede terrein weergeeft waarin de professional zich beweegt. Welzijn en zorg zijn daar onderdelen van. De welzijnssector heeft de ambitie met sociaal werk de zorg voor mensen te voorkomen, te vervangen of uit te stellen. (Marijke van Steenbergen, MOVISIE).

Transitieagenda Duurzame zorg

De zorg is er ook van doordrongen dat het fundamenteel anders moet. De Transitiearena langdurende zorg stelt, dat de zorg meer mensgericht moet, economisch verantwoord en maatschappelijk ingebed. Het Transitieprogramma laat zien dat dit kan. De sterke ontwikkeling van de informele zorg is een van de rode draden en sluit daar goed bij aan. In een zorgzame samenleving gaat het vooral om het verbinden van de zorg met andere domeinen (zoals welzijn en wonen) om ze onderdeel van het leven van de burger te maken.

De gedreven professional is de verbindende factor en werkt in faciliterende organisaties. Hij laat zijn professie met vanzelfsprekendheid gepaard gaan met sterke sociale vaardigheden, kennis en gebruik van moderne digitale middelen en technologie. De professional is in staat om zich te laten sturen door de burger, werkt samen en gaat daarbij soepel over bestaande grenzen.

Eb en vloed

We kunnen de domeindiscussie achter ons laten als we de burger centraal stellen. Professionals nemen de burger en zijn zelfredzaamheid als uitgangspunt en houden hun eigen expertise als het ware in de achterzak. Het is als meebewegen met eb en vloed: soms is de vraag groot en soms is die klein; soms ver weg en soms dichtbij; soms meer op welzijn gericht en soms meer op zorg. Absolute voorwaarde is dat de professional (en de samenleving) de burger vertrouwt: in het zelf regie voeren over zijn hulpvraag en in de onderlinge hulpvaardigheid van burgers. Onder invloed van de Wmo groeit deze samenredzaamheid en is er soms alleen nog lichte ondersteuning nodig.

Transitie

De transitie als een beweging naar een fundamenteel andere structuur, cultuur en werkwijze, moet nu worden versneld. De beleidsagenda’s van Welzijn en Zorg dienen met elkaar te worden verbonden. Er moet meer ruimte komen om te experimenteren en daarmee ook ruimte om te mislukken. Bestaande innovaties moeten uit het circuit van projectsubsidies komen en worden verbreed en opgeschaald met regulier geld. Bovenal moeten burgers zelf aan het stuur komen. De Wmo slaagt daar tot nu toe onvoldoende in maar we zien voldoende kansen als de professional en de burger een relatie op basis van wederkerige waardering aangaan.

Zorg 2.0 en Welzijn 2.0

Die burgers, klanten van zorg en welzijn, zijn ook te vinden op het internet. Het web 2.0 is een invloedrijk platform waar de ontschotting en verbinding tot stand komt. Professionals en burgers treffen elkaar daar. De twitterdokter en de hyves van de jongerenwerker zijn een krachtig signaal dat de transitie hier en nu al op gang is gekomen. Dominantie door kennis, status of beroep is daar niet aan de orde. Kennis delen, hulpvaardigheid en menselijkheid zijn de norm. En dat sluit perfect aan bij onze toekomstagenda’s waarbij de burger centraal staat. We ontmoeten u graag daar om verder te praten.

De auteurs

Julia Wittmayer is onderzoeker en adviseur, verbonden aan het Dutch Research Institute for Transitions (DRIFT) en houdt zich onder ander bezig met de transitie naar een duurzame zorg. Transities zijn fundamentele veranderingen van cultuur, structuur en werkwijze van een regio of een maatschappelijk domein die een lange termijn vergen.

Anneke Krakers is sinds 2000 werkzaam als directeur bij een kleine welzijnsorganisatie. Als maatschappelijk ondernemer maakt ze zich sterk voor de welzijnsbranche op lokaal en regionaal niveau en sinds eind 2007 ook op landelijk niveau. Haar onderneming WelzijnNederland helpt welzijnsorganisaties en welzijnswerkers bij hun marketing en profilering.

De perfecte website voor Welzijn

Het valt mij op dat op dit moment veel welzijnsorganisaties bezig zijn met het ingrijpend updaten van hun website of zelfs een compleet nieuwe website aanschaffen. Dat past natuurlijk prima in het toegenomen bewustzijn dat aanwezig zijn op het internet een must is in deze tijd en bijdraagt aan een sterke profilering.

Omdat het vaak om veel geld gaat is het de moeite waard om, voordat je besluiten neemt, een paar belangrijke punten te overwegen:

•Heb je nu al een website kijk dan eerst eens naar de bezoekersaantallen en betrek dit bij de investeringen die je van plan bent te gaan doen: is het de moeite waard?

•Voor wie maak je de website? Werk je voor verschillenden doelgroepen bedenk dan dat die ieder op hun eigen manier willen worden aangesproken. En wil je op een en dezelfde website ook jouw opdrachtgevers bedienen, let dan helemaal goed op. Segmenteren is hier de oplossing.

•Maak de website toekomstproof: web 2.0 vraagt om interactieve tools zoals bijv. een twitterfeed van medewerkers en ruimte voor de wekelijkse blog van de directeur.

•Wat wil je bereiken met de website? Alleen het zenden van informatie of het vergroten van naamsbekendheid? Bezoekers zijn liever actief op jouw website en melden zich aan, discussiëren mee of starten een chat. Geef aandacht aan voldoende conversiemogelijkheden.

•Wil je dat de site goed gevonden wordt in Google zorg dan voor dynamische inhoud. Dus bedenk vooraf wie de site gaat bijhouden. Houd de site actueel en zorg, als dat mogelijk is, dagelijks voor verse inhoud. Of, nog beter, laat jouw bezoekers dat doen.

Wanneer je weet wat je wilt is het tijd om te (ver)bouwen. Zoek altijd een goede en betrouwbare bouwer. Vraag het liefste meerdere offertes op. Er zijn gratis systemen zoals bijv. een WordPress site en hele dure systemen. Dit heeft vooral te maken met jouw eigen wensen: hoe meer maatwerk jij wilt hoe duurder het zal worden. Het is jammer als je erg veel geld kwijt bent aan het design. Zeker in tijden van schaarste adviseer ik om eerder te investeren in functionaliteit dan in design. De bezoeker komt immers op jouw site om er zaken te doen en niet om te bewonderen.

Dan is het tijd om de site te vullen. De meest gemaakte fout is het op jouw site vooral hebben over jezelf en niet over jouw klant. De bezoeker zoekt op de homepage herkenning dat hij of zij op de juiste plek is beland. Geef de bezoeker die herkenning. Maak duidelijk dat je hem of haar kunt helpen en breng de bezoeker vervolgens naar de juiste plek op de site om jouw hulp te kunnen ontvangen. Wees glashelder in wat je kunt bieden. Vermijd vaktaal en gebruik de woorden van jouw klant. Wil je graag dat de bezoeker nog eens terugkomt op jouw site biedt dan een digitale nieuwsbrief aan.

De basisopzet van een site bevat 7 pagina’s:

1.De homepage: laat de bezoeker weten dat hij of zij aan het juiste adres is.

2.Over onze klanten: geeft de bezoeker herkenning van zijn of haar problemen (“dat heb ik ook”).

3.Onze werkwijze: waar staan wij voor, waar geloven wij in.

4.Onze diensten: beschrijf de diensten kort en overzichtelijk. Is er meer informatie nodig geef dan een link naar een uitgebreide beschrijving.

5.Over ons: wie zijn wij. Wees hier transparant, open en toegankelijk.

6.Extra: artikelen, aanbiedingen, testimonials, nieuws.

7.Contact.

Als jouw website eenmaal online staat is het belangrijk dat je regelmatig de bezoekersstatistieken bekijkt. Krijg je voldoende bezoekers? Kunnen ze vinden wat ze zoeken? Komen ze regelmatig terug? De gratis tool van Google Analytics helpt je hierbij. Met de antwoorden op deze vragen kun je dan de volgende verbeterronde starten. De perfecte website is nooit af

Verschil maken

En opeens weet ik het: waar deze blog over moet gaan! Dit gaat over jullie. Ik ontmoet regelmatig zeer inspirerende mensen die met enorme inspiratie zich inzetten voor Welzijn Nieuwe Stijl of de tweede fase van de Wmo. Maakt nu even niet zoveel uit hoe je het noemt. Mensen die een verschil kunnen maken.

Afgelopen woensdag nog had ik een boeiende en hartelijke ontmoeting met Jeroen den Uyl (we zijn aan elkaar voorgesteld door Hans Versteegh). Het gesprek ging over ‘belief’, power, liefde en broederschap. Jeroen gelooft in netwerken: hij heeft een leernetwerk WIJKEN opgericht. Een netwerk van professionals die samenwerken aan wijkaanpak. Ik besloot meteen dat ik hem het boek van Heinz Schiller op ga sturen.

Heinz is ook zo iemand die het verschil kan maken. Hij heeft een boek geschreven met de mooie titel ‘De kunst van het stijgen, over sociale mobiliteit en welzijnswerk dat er toe doet’. Een zin uit het boek die mij erg aanspreekt is ‘Wie geeft zonder een tegenprestatie te verlangen, creëert passiviteit’.

En dan nog iemand: Jos van der Lans. Ik heb geboeid in de digitale Wmo Special van Zorg en Welzijn het interview met hem gelezen. Vanuit historisch perspectief pleit hij voor een overgang van welzijn naar sociaal werk. Zou dat het breekpunt zijn? Het einde van brede welzijnsorganisaties en terug naar sociaal werk wat een combinatie functie wordt van maatschappelijk werk met opbouwwerk?

En dan al die boeiende mensen die aanwezig waren tijdens de tweede netwerkborrel van de Linkedin groep WelzijnNederland. We waren met directeuren, adviseurs, zzp-ers en consultants bij elkaar. We hebben een prachtig gesprek gevoerd over de bestuurders van de toekomst. Wat heeft het welzijnswerk nodig?

Ja, wat hebben we nodig? Deze mensen hebben we zeker nodig. En waar zijn JULLIE????

Anneke Krakers

ondernemerschap voor Sociaal Werkers

Hier bonst het nieuwe hart van welzijn. Ik ben Anneke Krakers. Hier bonst mijn grote ❤.

 

Mijn hart klopt voor een sterke missie: ik wil die eeuwige en verschrikkelijke rotvraag “en wat doe jij nu eigenlijk” uit de wereld helpen. En daarom help ik jou met de antwoorden!

 

Je herkent de vraag vast en zeker. Wat zeg jij als jou wordt gevraagd wat jij als Sociaal Werker doet? Ik weet het, het is lastig. In onze opleiding hebben we nooit geleerd onszelf te verkopen. Sterker nog, verkopen-winst-omzet, zijn allemaal zaken waar we juist niks mee te maken wilden hebben.

 

Zo was het voor mij ook. Maar toen ik als pas afgestudeerd maatschappelijk werker geen baan kon vinden en mijn eigen Twents bureau voor bedrijfsmaatschappelijk werk startte, is dit mislukt omdat ik domweg niet wist hoe ik het moest verkopen. Ik heb uiteindelijk toch een baan in loondienst gevonden als bedrijfsmaatschappelijk werker bij de Belastingdienst. Lekker veilig in de armen van de non-profit sector.

 

In 2000 werd ik directeur van Welzijn Buren. Er was voortdurend veel gezeik over geld: misverstanden, bezwaarprocedures en bezuinigingen. En altijd maar weer die vraag: maar wat doen jullie nu eigenlijk voor dat geld? Ik snapte er werkelijk niks van. Hoe kan het nu dat wij ons de blubber communiceren, wekelijks met al onze activiteiten in de krant staan, prijzen winnen, fondsen binnenhalen en dat jullie niet weten wat wij doen. Herkenbaar?

 

Ik vertel je dit allemaal om je te laten weten dat ik zowel vanuit de uitvoering als het strategisch management met dezelfde vragen heb geworsteld als waar jij mee rondloopt. Toen ik in 2007 opnieuw een onderneming startte, WelzijnNederland, besloot ik het anders aan te pakken. En inmiddels heb ik alles geleerd om een goede verkoper te zijn zonder ‘verkoperig’ te doen. Mijn baan heb ik in 2011 opgezegd om 100% ondernemer te zijn.

 

Tweede bedrijf

Onlangs, begin 2019, ben ik een tweede bedrijf gestart. Ik voelde dat na jaren het tijd werd voor een nieuwe loot aan de stam waarin ik al mijn kennis en ervaring opnieuw vorm kan geven. Ik heb “Krakers: The Art of Seniority” opgericht. Het is een coachingsbedrijf voor executive vijftigers. Het is heerlijk om naast de succesvolle jaren in het trainen en coachen van sociaal werkers nu ook zelf weer te bouwen aan een bedrijf. Zo blijf ik ‘met mijn poten in de klei staan’.

 

Maar nu genoeg over mij. Heb jij zin om meer te ondernemen als Social Werker? Binnen je baan, met je team of als zelfstandig ondernemer? Dan ben je hier aan het juiste adres.  Om een goed idee te krijgen van de manier waarop ik je kan helpen kijk je bij  mijn aanbod . Heb je vragen dan kun je me natuurlijk altijd bellen of mailen!  

 

 

 

19-february-2016img_4829-bewerkt-beyoutiful-photographyby-wendy-van-hardeveld-utrecht

 

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren